het Theater Festival

‘In Serenade probeer ik de verbondenheid door de eeuwen heen te vieren’

do 09 sep 2021

Louis Janssens is ondertussen een vertrouwd gezicht op het TheaterFestival. In 2012 sprak hij als zestienjarige de allereerste State of the Youth uit, negen jaar later gaat hij met zijn nieuwste voorstelling in Belgische première op het festival. Serenade is een ode aan het leven en de romantiek, vertrekkend vanuit het leven en de muziek van Schubert. Een gesprek over kwetsbaarheid, muziek en liefde.

Eva Lesage en Emma Theunissen

 

 

We ontmoeten Louis Janssens op een zonnige middag in de tuin van DE SINGEL. We nemen hem mee naar onze donkere radiostudio, want een deel van dit gesprek zal ook verwerkt worden in de nieuwe aflevering van onze podcast Studio Speelhuis. Tijdens het opstellen en instellen van de apparatuur, keuvelen we kort over zijn State of the Youth in 2012. We vragen ons af waar hij het nu over zou willen hebben, als hij dit jaar gevraagd was geweest. Louis Janssens: ‘Wij leven van liefde en kwetsbaarheid, dus ik zou het misschien daarover hebben. Ik weet niet of ik heel veel grote statements zou willen doen, maar ik zou iets met het hart willen doen, het zoeken, het niet weten, onzeker zijn, bang zijn…’

Serenade lijkt me een erg kwetsbare voorstelling, wat vind je daar zelf moeilijk aan?

‘Dat ik in deze voorstelling een kant van mijzelf laat zien die ik op het podium nog niet heb getoond. Ik heb altijd een moeilijke relatie gehad met spelen. Ik heb lang geprobeerd niet te spelen maar regisseur op scène te zijn die wat dingen weghaalt, erbij zet… Tijdens het proces van Serenade werd het eindelijk weer duidelijk: ik moest daar gaan staan. Ik heb mezelf echt ontdekt als performer – ik speel nu zelfs graag. Terwijl het in de vorige werkprocessen met Desnor meestal mijn positie was die de meeste vragen opwierp, want welke functie had ik eigenlijk op het podium? Nu ik openlijk het spelen heb omarmd, hang ik er natuurlijk wel aan voor de komende projecten. (lacht) Het persoonlijke in Serenade is dus mijn grootste angst, denk ik. In de voorstellingen die ik eerder maakte, zat wel een persoonlijke drive, maar toen heb ik altijd hard gezocht om dat persoonlijke op te laten gaan in iets groots. Ik denk natuurlijk dat Serenade dat ook doet, maar het is op een andere manier, dat is iets nieuws denk ik.’

In een eerdere recensie werd het gezelschap deSnor omschreven als ambitieus én onzeker. Hoe kijk jij daarnaar?

‘In die recensie werd dat geponeerd als een kritiek. Terwijl ik dacht: onzekerheid is mijn drive, alles wat ik maak gaat ook over onzekerheid. Ik heb geprobeerd dat opnieuw te claimen en die onzekerheid als kracht te gebruiken. Als ik vanuit angst vertrek en vanuit niet weten wat je durft en niet weten wat iets gaat zijn, levert dat echt iets op. Ik heb dan ook heel veel zin om nu Serenade te laten zien – ik ben er echt trots op. Net omdat ik door zoveel onzekerheid ben gegaan, dacht ik: ik moet dat doen!’

Wat betekent een serenade voor jou?

‘Een serenade is in de basis altijd avondmuziek en gericht aan iemand anders. Dus met de luit een liefdeslied aan degene op het balkon richten. Ik was veel bezig met de muziek van Schubert, en ik ben op een gegeven moment blijven hangen bij Ständchen. Ik vond het heel mooi dat dit een lied aan de ander is, en daar ben ik op blijven doordenken. Onderweg ontstond er een playlist op Spotify met verschillende versies van die evergreen, maar daar kwam ook ABBA bij en Madonna en Lana Del Rey. Ik voelde dat al die muziek over hetzelfde ging: I need you, I love you, ik kan niet zonder jou. Een soort fundamenteel verlangen naar de ander. Ik heb die serenade van Schubert als een kapstok gebruikt om het over hem te hebben, maar ook over andere artiesten die mij inspireren. Ik heb eigenlijk geprobeerd een voorstelling te maken die dat gevoel van een serenade een uur lang oprekt. In de voorstelling passeren veel emoties, verhalen en liederen de revue, maar Schubert is de lijn die ons doorheen de avond leidt. Het is een soort trip, waarin ik mijn inspiraties en dingen die voor mij belangrijk zijn met een publiek deel.’ 

Waarom wil je die inspiraties delen?

‘In de recensie over Serenade op de website Theaterkrant.nl stond dat de voorstelling leek op een aflevering van Zomergasten. Daar was ik blij mee, want het is mijn droom om daar ooit te zitten. Ik vind dat ook een fijn gebaar om te maken, om inspirerende dingen met elkaar te delen. Als jonge kunstenaar kun je verlamd worden door de idee dat alles al gedaan is, “alles is al gezegd”. Ik denk dat de State of the Youth dit jaar (van Nathan Ooms en Anna Franziska Jäger, red.) daar ook over gaat. En inderdaad: er is al veel gedaan, maar ik vind dat wel een fijn gevoel. Bij alles wat er gemaakt en getoond wordt, vraag ik me af: wat doet dat met mij en hoe kan ik dat weer doorgeven aan een publiek? Het is een soort web waarin we elkaar allemaal tegenkomen. Ik denk dat ik dat heel erg probeer te vieren in de voorstelling, die verbondenheid door de eeuwen heen.’ 

Je vertrekt in je werk vaak van een bestaande tekst of muziek en trekt dan een lijn door naar het heden. Is dat een bewuste keuze?

‘Bruno Latour, filosoof en theatermaker, zegt dat we de brokstukken van het verleden nodig hebben als we de toekomst willen vormgeven. Wij denken vaak dat we opnieuw moeten beginnen, terwijl hij zegt dat we lessen moeten trekken uit wat we vroeger hadden en wat daar fout ging. We moeten die brokstukken van het verleden indachtig houden en naar het heden trekken, om ons af te vragen wat we daar vandaag mee kunnen doen. Dat geldt ook voor het “repertoiredebat”: wat doe je met oude teksten? Ik denk dat we oude dingen moeten gebruiken, maar dan wil ik dat wel aanpakken en laten clashen. Daarom gaat het ook over Patti Smith, Céline Dion, Liesbeth List…’

Als je dingen leest of hoort, heb je daar dan meteen beelden of klanken bij?

‘Mijn verbeelding wordt daar intens door geprikkeld. Ik kan naar Schubert luisteren en ik zie scenes, kostuums, licht… Muziek werkt voor mij heel beeldend, dat zie je ook altijd in voorstellingen van Desnor. Voor mij is Serenade echt muziektheater, het is de drijfveer van elke scène. Alles wat ik gemaakt heb, is gemaakt op die muziek. Het bepaalt het tempo van de voorstelling, het is de partituur van het stuk. Ik kan echt geraakt zijn door een wending in een muziekstuk: een viool die hoog gaat en dan kreunt, omslaat en dan mineur. Ik kan dit op een technisch niveau niet uitleggen, maar ik kan wel proberen om uit te leggen wat dit doet met mij en dat dan gebruiken.’

Heeft liefde ook een specifieke klank, en hoe klinkt die in de voorstelling? 

(lange stilte) ‘In de voorstelling klinkt liefde altijd duaal. Er is altijd een kanttekening: er is wel liefde, maar er is toch altijd ook iets anders. Op een gegeven moment zing ik in de voorstelling ook mee met Liesbeth List. Zij zegt “Heb het leven lief”. Tijdens het spelen ben ik nu aan het zoeken of daar ook een vraag in zit. Heb het leven lief: lukt dat dan, en hoe? Het is een soort liefde voor het leven, maar daar hoort ook heel veel miserie bij, er is nooit een totaal geluk. En misschien is dat ook wel romantisch: heeft het dan nog wel zin? Ik ben daar zelf ook niet uit. Het is niet dat de voorstelling een soort statement maakt, maar ik vind het wel interessant dat het de hele tijd een beetje flou is. We zien ook iemand die zoekt naar liefde, alleen op scène, iemand die die liefde wil maar die er misschien niet is.’

Je staat alleen op het podium, maar een serenade is altijd aan iemand gericht. Aan wie richt je ze hier?

‘De vraag is net wie dan de ander is. Zit de ander in mij? Is Schubert of het publiek de ander? Komt de ander nog? Zijn het al die kunstenaars die ik in de voorstelling tot leven wek? Ja, waar is de ander?’ (lacht) 

Wie is het voor jou?

‘Voor mij zijn het al die dingen en personen. Al die kunstenaars die ik noem, zijn dat mijn vrienden? Kan ik zeggen dat Patti Smith mijn vriendin is, terwijl ik haar nog nooit heb ontmoet? Toch kan ik troost vinden bij haar. De ander is natuurlijk ook het publiek, de ander is de wereld, de ander is er niet en is er eigenlijk altijd, voor mij. Ik denk dat ik in deze voorstelling heel hard probeer dat idee van individualisme onderuit te halen, dat we het gewoon met elkaar moeten doen. Dat vind ik best wel een troostende gedachte. Ik ben ook maar een voorstelling binnen een festival binnen een landschap, maar ik vind het heel fijn om altijd in verbondenheid te staan.’

Hoe ben jij zelf als je verliefd bent? 

‘Ik word niet snel verliefd, maar als ik verliefd word, is het heel intens, dan wil ik die andere persoon elke dag zien. Ik ben heel slecht in hard to getten, dat is ook in deze voorstelling zo. In de repetities werd wel eens gezegd: “Nee Louis, ge moet het niet zo graag willen” en ik snap wel wat daarmee bedoeld wordt. Dat is iets technisch op spelmatig niveau, maar ik ben altijd zo van “en nog en nog”. Als ik een lief heb, wil ik die meteen elke dag zien en direct samenwonen en gaan eten. Ik leef wel graag intens, maar ik heb nog niet veel liefdes gehad. Hoewel: in die zin ben ik ook verliefd op mijn vrienden, die ik koester.’

Hoe belangrijk is die liefde voor jou? 

‘Alles valt weg als een van mijn vrienden plots liefdesverdriet heeft. Als ik ruzie heb met mijn lief, vervalt al het andere. Dat is een rare dynamiek, maar het andere wint nooit tegenover de liefde en haar mislukkingen. Ik kan geselecteerd worden voor iets of een goede recensie krijgen, maar als op dat moment mijn lief ligt te huilen in mijn armen, dan wint dat andere niet. Dat is altijd het vertrekpunt: liefde in al haar complexiteit, verwarring, pijn en genot.’

 

Serenade speelt op woensdag 8 en donderdag 9 september om 20u00 in De Carrousel

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Tags: , , , , ,