het Theater Festival
do vr za zo ma di wo
08 09 10 11 12 13 14
15 16 17 18      

2015 – Wouter Hillaert

wo 09 sep 2015

Wouter Hillaert sprak vandaag op De Dag van de Programmering op het Nederlands Theater Festival. Deze tekst is een residu van wat hij er vandaag aan de programmeurs vertelt over de eroderende Vlaams-Nederlandse samenwerking in het theater.

140922_wouter_hillaert_new

Ik kwam vanmorgen gewoon met de directe trein van Brussel. Niet alleen voor jullie, maar voor een meeting met het Transitiebureau. Ik zat daar met mijn klakske op van rekto:verso. We zijn samen een Vlaams-Nederlands nummer aan het maken, gesteund door BesteBuren. De onderlinge verschillen tussen Vlamingen en Nederlanders vonden we niet zo interessant. We kijken gewoon met elk onze eigen ogen naar heel gelijkaardige fenomenen die zich overal in Europa voltrekken.

Ik heb geen grote theorieën over historische banden en Groot-Nederlandse gedachten, ik hoef daarvoor niet terug te keren naar Vondel of 1815-1830. Ik zie gewoon dat er veel mooie voorstellingen in Vlaanderen gemaakt worden en ik snap niet dat deze amper in Nederland te zien zijn. Maar als jullie ook geregeld eens de directe trein naar Vlaanderen nemen, dan wisten jullie vast al wel…

—dat er na al dat moeilijke theater uit Vlaanderen er nu ook een Liefdesverklaring is? fABULEUS maakte deze omkering van de Publikumsbeschimpfung van Peter Handke met zes jongeren.
—dat een Brusselse Zwitser de democratie heruitgevonden heeft? Christophe Meierhans presenteert in Some use of your broken claypots een hele nieuwe grondwet.
—dat er na Hebzucht en Angst nu ook Hoop is? De derde voorstelling van Braakland/ZheBilding uit Leuven, die nu met de Queeste samengesmolten zijn tot Het Nieuwstedelijk.
—dat De Tijd overgenomen is door drie jonge Hollanders? Waarom zitten Freek Vielen, Rebekka De Wit en Suzanne Grotenhuis eigenlijk in België en niet bij jullie?
—dat de Vlaamse Golf al lang gaan liggen is? Los van Anne Teresa De Keersmaeker, Needcompany en Ivo Van Hove op zijn goeie momenten zit het helemaal vast in die generatie.
—dat Peeping Tom, Studio Orka, Thomas Bellinck, Simon Allemeersch, Lisbeth Gruwez, etc. op dit moment de nieuwe toonaangevende namen zijn in het Vlaamse theaterveld?

Jullie spreken over programmeurs, terwijl wij in Vlaanderen programmatoren hebben. Ik weet het, het is geen Nederlands, maar dat is in het ontvoogde Vlaanderen al lang geen argument meer. Wij doen waar we zin in hebben. Wij houden van moeilijk en dwars, wat kan ons dat publiek wat schelen. Daarom zijn ‘programmeurs’ in onze ogen zoiets als ingenieurs. Computernerds die koel en koud uit hun ogen kijken, alleen in cijfers denken, en al hun irrationele passies vervangen hebben door een meetlat. Misschien moeten we wel programmateurs kweken: niet enkel ingenieurs, maar ook passionado’s voor wat er te vinden is over de grens? Want als de Schengenzone zo goed werkt voor theatermakers – denk maar aan Naomi Velissariou, Lucas De Man, Joachim Robrecht… – waarom dan zo moeilijk voor voorstellingen? Waarom zo moeilijk voor het gros van de programmeurs? Misschien moet er, net zoals de spreidingsplannen voor vluchtelingen, ook een distributieplan voor het theater in de Lage Landen gemaakt worden?