het Theater Festival
do vr za zo ma di wo
08 09 10 11 12 13 14
15 16 17 18      

2015 – Frans Van der Aa

wo 09 sep 2015

Kriep — 4Hoog

“Kinderen zijn de sterkste impressionisten”

In de schouwburg van Kortrijk ontmoeten we een bruisende Frans Van der Aa. Hij repeteert er volop aan Woesj, de kinder­opera die 4Hoog momenteel aan het maken is. Maar eerst speelt Kriep nog op Het Theaterfestival. Terwijl op de achtergrond zingende schelpen worden uitgetest, hebben wij een bevlogen gesprek met de artistiek leider van 4Hoog. — Katrien Van Bael en Bart Van Gyseghem

© Els Deventer

© Els Deventer

Kriep draait rond de plotse verdwijning van een kind. Dat is een verontrustende gebeurtenis om in een kindervoorstelling te brengen.

Frans Van der Aa: “Als een kind aan de schoolpoort moet wachten terwijl de ouders niet komen opdagen, zorgt dat voor paniek. Een kind vreest op zo’n moment dat het alles kwijt is en dat iedereen hem vergeten is. Iemand verliezen die je graag ziet, is een enorme angst voor een klein kind. Dit uitgangspunt is gesneden brood voor een thriller op kindermaat. Zelf lees ik ook graag thrillers, omdat ik helemaal in die spanning kan opgaan en telkens probeer te weten hoe de puzzel juist in elkaar zit. Ook kinderen vinden dit prikkelend. In Kriep maken we de verdwijning van bij het begin wel wat belachelijk. Zo is Rudy, de vader van het verdwenen kind, door een rottweiler in zijn strot gebeten en ligt hij met een toegenaaide nek in het ziekenhuis. Dat klinkt heel verschrikkelijk, maar is tegelijk zo absurd waardoor je het als publiek niet gelooft.”

Is die uitvergroting belangrijk om zo’n thriller voor kinderen te maken?

“We spelen met de grens tussen realiteit en surrealiteit. Ik vind het altijd leuk om naast de poëzie en de esthetiek ook met absurditeit te werken. Kinderen zijn ontzettend bezig met fantasie. Ze zijn de sterkste impressionisten: als zij iets tekenen of schilderen, doen ze dat op hun manier, met hun richtingen en ideeën. Volwassenen gaan altijd alles analyseren, terwijl bij kinderen alles veel directer binnenkomt. In Kriep proberen we de kinderen voldoende te triggeren met realiteit, maar halen we deze ook onderuit door uitvergrotingen te maken zoals bij Hitchcock. De afwisseling hiertussen maakt dat je een goede thriller krijgt. Bij film kan je focussen op wat je echt wil laten zien, maar in theater kan je niets verstoppen. Zo werken we in Kriep met live bruitage. Kinderen zijn heel alert voor geluid. Als er onder hun bed iets kraakt, vinden ze dat fenomenaal. Met die live bruitage kunnen we accenten leggen, dingen versterken of juist verkleinen. Of juist niets laten horen. Dat spel maakt alles krachtiger en het zorgt ook voor de nodige humor die wat lucht geeft aan het geheel. Een kind kan het niet aan om de hele tijd op hetzelfde level een thriller te verwerken.”

Tijdens Het Theaterfestival speelt ’s avonds na jullie thriller Kriep ook de voorstelling Horror van Jakop Ahlbom. Dat is toch wel erg verdacht?

“Ik wil die voorstelling enorm graag zien! Ik hoor dat ze erg visueel is. Misschien is dat ook zo in Horror, maar in Kriep laten we zien hoe de magie in elkaar zit. Als je toont waar een geluid vandaan komt en hoe een actrice zich omkleedt tot een personage, wordt een kind deelgenoot van het spel en kan het veel meer beleven. Kinderen kunnen zo ook kiezen waar ze op focussen: kijk ik naar die creepy clown op dat schilderij waarvan de ogen uitpuilen of naar de benen van de actrice die achter dat schilderij staat?”

Hoe belangrijk is muziek in de voorstellingen van 4Hoog?

“Muziek is een groot deel van wat we doen. Ooit wil ik een muziekvoorstelling maken met een groot orkest waarin de personificatie van instrumenten centraal staat. Ik ben al die versies van Peter en de wolf een beetje beu. Dat idee zit al een tijdje in mijn hoofd. Eigenlijk wilde ik muzikant worden. Ik benijd mijn dochter (Liesa Van der Aa, nvdr) wel een beetje. We zouden graag eens iets samen maken. Al zal dat niet makkelijk zijn, want we zijn allebei perfectionisten. Theater maken is een heel positief gevecht. Als ik aan het maken ben, zit ik in een niche, weg van de realiteit. Natuurlijk lees ik de gazetten en luister ik naar het nieuws, maar wanneer ik een voorstelling maak ben ik blij om daar ook eens aan te kunnen ontsnappen.”

Hebben kinderen eveneens nood aan het ontsnappen uit de realiteit?

“Hun leven is gebaseerd op realiteit én fantasie. Al komt de werkelijkheid meer en meer bovendrijven en is de fantasie van kinderen aan het wegebben. Ze krijgen een zogezegde persoonlijke vrijheid die voor hen volledig wordt uitgetekend. Dat mag je een kind niet aandoen. Laat een kind zich toch vervelen! Vroeger was het allemaal dogmatischer. Kinderen luisterden beter, terwijl ze nu verbaler zijn. Ze zijn minder impressionistisch geworden, omdat ze meteen alles uiten wat ze voelen en minder binnenin verwerken. Daardoor komt er minder diepgang. Sommige kindervoorstellingen worden zelfs zo gebouwd dat die diepgang er nooit is. Met 4Hoog proberen wij net wel die extra laag in een voorstelling te stoppen. De koning zonder schoenen gaat niet alleen over een koning en wat muizen die in zijn gouden schoenen wonen, maar toont dat geven aan anderen je blijer kan maken dan alles zelf hebben. We moeten kinderen niet alleen ontspannen, we mogen ook een inspanning van hen verwachten. Wanneer iets louter amusement is, gaat een kind uiteraard makkelijk mee in al de gedachten die het krijgt voorgeschoteld omdat het die al kent, maar het wordt daar niet per se rijker van. Kinderen weten dat je van te veel snoepen ziek wordt, daar hebben ze meneer De Bolle (een personage uit Samson & Gert, nvdr) die heel de snoepwinkel leeg eet en met krampen op de zetel ligt niet voor nodig.”

Ligt daar een taak voor beleidsmakers?

“Zeker. De meetbaarheid die scholen moeten hanteren is niet slecht, maar ik begrijp niet dat de confrontatie met kunst en theater niet geïntegreerd wordt in een schoolplan. Je zou een heel andere maatschappij creëren, je zou een andere verzameling van mensen krijgen. Bijschaven in de beschaving is wat wij met kunst en theater proberen te doen. Cultuur maakt een mens meer tot mens, anders blijft alles alleen maar drift en kennis. Een kind is altijd in een leerproces en doet constant ervaringen op. Het moet leren waarvoor een lepel dient en dat het best niet in zijn broek moet schijten. Als het dat wel doet, moet het leren de gevolgen ervan te dragen (lacht). Dat is de hele ontdekking van mens zijn: hoe je denkt en voelt, wie je bent en wordt. Dat is meer dan getallen en woorden, dat zit ook in tekenen en spelen. Over die bewust­wording moeten we het hebben. Beleids- en theatermakers hebben daar een noodzakelijke rol te spelen.”

Kies jij uitsluitend voor projecten die ook een inspanning vragen van kinderen?

“Die projecten dragen dat in zich, omdat ik weet met welke mensen ik werk. Hugo Matthysen zorgt telkens voor invalshoeken die nooit rechtlijnig zijn. Hij zet aan tot vragen. En vragen zijn vaak interessanter dan antwoorden, want ze vragen dus die inspanning.”

Vertrek je altijd vanuit een artistiek idee? Of onderzoek je eerst de noden van een kind?

“Het begint telkens bij de artistieke noodzaak, om daarna te zoeken welke toffe onderwerpen daar bij passen. Daarna kijken we welke lagen we er aan kunnen toevoegen en of het voor ons publiek geschikt is. Je moet dat doen uit respect voor de volwassenwording van een kind. Een kind verdient het dat je als maker nadenkt zoals een volwassene die bezig is met de waardigheid van een kind.”

Hoe verrassend was de selectie van Kriep door de kinderjury voor Het Theaterfestival?

“De ploeg was er zeer verheugd over, net zoals ik. Ik dacht al wel dat de voorstelling door kinderen geapprecieerd zou worden. Een kinderjury speelt in ons voordeel, maar ik heb me al wel bedacht dat er door de manier waarop de kinderjury nu is samengesteld nooit een kleutervoorstelling geselecteerd zal geraken. Een driejarige kan niet zeggen wat hij het beste vindt en een negenjarige vindt zo’n voorstelling te flauw. Je kan kinder­theater ook best niet bekijken door de ogen van een analytische, intelligente volwassene. Ik vind het fijn om als volwassene bij een kindervoorstelling te kunnen zeggen: ‘Ik ben zestig, maar ik heb me vijftig minuten lang weer vier gevoeld’.”

Tags: , , ,